06 13 85 26 14 contact@SOD-Onderzoek.nl
Schrijvers van de rubriek Bij de Politierechter

Schrijvers van de rubriek Bij de Politierechter© Theresa Hartgers

DEN HAAG – De ruzies tussen Gert en zijn ex escaleerden twee keer zo erg dat de politie erbij moest komen. Afgelopen januari wilde Gert zijn dochter ophalen, maar dit leidde tot een confrontatie met een kopstoot tot gevolg. De 43-jarige Nootdorper moet nu in de rechtbank verschijnen.
Dit is een verhaal uit onze serie Bij de Politierechter.
De 43-jarige Gert loopt met een licht nerveuze glimlach op zijn gezicht de rechtszaal binnen. Even later volgt zijn ex die blijkbaar op de hoogte was van het feit dat hij moest voorkomen. Terwijl Gert vooraan plaatsneemt, gaat zijn ex op de allerlaatste rij dichtbij de uitgang zitten.
Op 6 januari dit jaar loopt een situatie zo uit de hand dat de politie naar de woning van zijn ex in Den Haag rijdt. Gert wilde zijn dochter ophalen, want die zou die dag bij hem zijn. Toen hij bij haar aankwam, leidde dit echter tot een confrontatie met een andere man die op dat moment in het huis van zijn ex was. Gert wordt ervan verdacht een flinke kopstoot te hebben uitgedeeld, waardoor de ander onder meer een stuk tand verloor. Volgens de officier van justitie gaat het om het opzettelijk toebrengen van zwaar lichamelijk letsel of als daar niet genoeg bewijs voor is: mishandeling.

‘Bent u een beetje zenuwachtig?’

Het slachtoffer is er in tegenstelling tot de ex van Gert niet bij. ‘Bent u een beetje zenuwachtig?’, vraagt de rechter aan Gert. ‘Nou het is niet alledaags’, geeft hij toe, waarna hij wat ongemakkelijk lacht. Hij heeft kort donkerblond haar en een spijkerbroek aan. Hij is zonder advocaat gekomen. De rechter vraagt naar de mishandeling. ‘Dat is niet waar. Het is al vijf jaar kommer en kwel. Het ging erom dat mijn dochter bij mij had moeten zijn op dat moment’, reageert Gert.
‘Zo’n twee jaar geleden had ik al zo’n soortgelijke kwestie meegemaakt, toen had ik de politie ingeschakeld. Er werd me geadviseerd om er eerst zelf heen te gaan en te vragen of ze mee kon gaan. Zo niet, dan weggaan en de politie inschakelen. Daarom ging ik er nu weer eerst heen’, vervolgt hij.

Schreeuwend naar buiten

Maar toen Gert bij de woning aankwam, kwam zijn ex ‘schreeuwend naar buiten’, gevolgd door de man die hij uiteindelijk zou hebben mishandeld. ‘Hij kwam intimiderend op mij afgelopen, ik moest mezelf verdedigen. In een schermutseling heeft hij dat letsel waarschijnlijk opgelopen. Het kan dat mijn hoofd zijn hoofd heeft geraakt’, vertelt Gert op langzame en monotone toon.
‘Maar heeft u expres die kopstoot gegeven of uit zelfverdediging?’, vraagt de rechter nog. ‘Mijn hoofd heeft zijn hoofd geraakt’, aldus Gert. ‘Dus niet expres een knik gegeven?’ ‘Nee. Het was hij of ik op dat moment.’ De rechter kijkt hem aan. ‘Ik wil dat u snapt dat het twee verschillende dingen zijn: per ongeluk tegen iemands hoofd aankomen of expres uit zelfverdediging handelen.’

De situatie escaleerde

De rechter leest de verschillende verklaringen voor: volgens zijn ex kwam Gert op de man aflopen, volgens een buurman liepen de twee naar elkaar toe waarna de situatie escaleerde. Gert zelf beweert dat de man op hem af kwam lopen als ‘een woesteling’. ‘De buurman is in mijn ogen ook geen onpartijdig persoon’, aldus Gert.
‘Ze proberen al jarenlang alles uit de kast te halen om mij kapot te maken. Ook door mensen tegen me op te zetten. Dit is al vijf jaar aan de gang. Ik ben de slechterik, ik ben de lul, de klootzak. U wilt niet weten wat ik allemaal heb meegemaakt met rechtszaken en valse meldingen bij instanties. Iedereen wordt tegen me opgezet, mijn kinderen ook’, zegt Gert nu met een iets hogere stem.

‘Expres of niet’

Feit is wel dat hij de man letsel heeft toegebracht, aldus de rechter. ‘Expres of niet.’ Gert: ‘Helaas wel ja.’ Het slachtoffer eist een schadevergoeding. ‘Het gaat om verschillende posten. Op de eerste plaats de tandartsenrekening van bijna 80 euro.’ Gert: ‘Ik ben best bereid dat te betalen. Als hij zich er niet mee had bemoeid, was dit niet gebeurd, maar goed.’
Als de rechter de overige kostenposten opnoemt, wordt het gezicht van Gert alleen steeds bleker. De man eist ook een schadevergoeding van zo’n 1600 euro voor alle uren werk die hij niet als zzp’er kon doen, een vergoeding van zijn eigen risico, ruim 4600 euro voor de psychische schade en dan nog advocaatkosten. ‘Belachelijk, buitensporig’, reageert Gert geschrokken en met trillende stem.

De helft van de tijd

‘Als hij niet op mij was afgestormd, was dit niet gebeurd. Het is weer een onderdeel van mij kapot maken. Alles is weer uit de kast gehaald, het is een grote show geworden. Zó veel geld. Nee echt niet. Hij had het zelf kunnen voorkomen’, aldus Gert die inmiddels geïrriteerd is geworden.
De rechter vraagt naar zijn persoonlijke omstandigheden. Hij ziet twee van zijn kinderen de helft van de tijd. ‘Maar de omgang zorgt voor een hoop verdriet?’, vraag de rechter. ‘Nou, het is niet leuk als je kinderen bij je worden weggehouden.’ ‘Is er een kans dat het weer misgaat?’ Gert: ‘Mijn doel is het belang van de kinderen. Ik zal altijd alles doen in het belang van de kinderen.’

Wel erg fors

De officier van justitie vindt dat er niet genoeg bewijs is voor het opzettelijk toebrengen van zwaar lichamelijk letsel, wel voor mishandeling. Hij eist 80 uur taakstraf, waarvan 20 uur voorwaardelijk. De geëiste schadevergoeding vindt hij wel erg fors. De officier van justitie eist dat de gemiste inkomsten niet meetellen en de psychische schadevergoeding ook naar beneden moet.
‘Nog steeds buitensporige bedragen voor een doorsnee iemand als ik’, aldus Gert. ‘Daardoor kan ik bijvoorbeeld niet met mijn kinderen op vakantie, heel erg zonde.’ De rechter vindt niet dat er sprake is geweest van zelfverdediging, maar spreekt hem ook vrij van het eerste feit. Hij wordt veroordeeld voor de mishandeling. Gert krijgt 80 uur taakstraf, waarvan 40 uur voorwaardelijk. De schadevergoeding gaat ook naar beneden. De gemiste werkuren en het eigen risico zijn niet voldoende onderbouwd, aldus de rechter. ‘Ook met de immateriële schade, loopt de advocaat iets te hard van stapel.’ Gert moet zo’n 1800 euro betalen.

Een schreeuw door de zaal

Als de rechter vraagt of alles duidelijk is, klinkt er opeens geschreeuw. Verschrikt kijkt iedereen naar de andere kant van de zaal. Het blijkt uit de mond van de ex van Gert te komen die is opgestaan en met een rood aangelopen gezicht keihard roept dat hij een of andere afspraak al heeft afgezegd. Na haar relaas loopt ze met haar knalrode gezicht woest de zaal uit. Iedereen is even overrompeld. ‘Nou, dat is niet al te hoopgevend’, zegt de rechter na een korte stilte.
Gert kijkt niet al te blij. ‘Ik zou het graag willen, maar ik word al vijf jaar getreiterd. Mijn advocaat zei het al en heeft tot nu toe steeds gelijk gehad’, vertelt hij enigszins verslagen als hij zijn jas aantrekt. ‘Zorg dat u niet de boeman bent en voor de rechter moet komen’, zegt de rechter nog. Gert loopt met een verdrietige blik in zijn ogen naar de uitgang.

Namen zijn gefingeerd in verband met de privacy.

Bron: Omroep West